Praktijktoets om voor- en tegenargumenten in kaart te brengen
Volgens het kabinet is het van groot belang dat iedereen kan meedoen in de samenleving – via werk, op een andere manier van participatie, of met financiële ondersteuning als dat nodig is. Maar de huidige wet slaagt daar onvoldoende in.
Daarom werkt het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) aan een herziening van de Participatiewet. Onder de naam Participatie in Balans wordt gekeken naar aanpassingen, zowel op korte als langere termijn.
Een belangrijk onderdeel van die aanpak was een praktijktoets, die De Argumentenfabriek begeleidde op 19 maart 2025. Tijdens deze toets beoordeelden experts uit het veld een aantal voorgestelde beleidsopties.
Verschillende criteria
Samen verzamelden we argumenten voor en tegen verschillende opties, aan de hand van vier criteria: effectiviteit, uitvoerbaarheid, eenvoud en principes. Het perspectief van burgers en mensen met een uitkering stond centraal. Belangrijk om te vermelden: de fabriek verzamelde de voor- en tegenargumenten, maar maakte geen weging.
Hieronder lees je een paar inzichten die uit de praktijktoets naar voren zijn gekomen:
- Bestaanszekerheid voor mensen zonder arbeidsvermogen
De regelingen AVA-I en AVA-W geven mensen zonder arbeidsvermogen meer rust en een vaste uitkering zonder vermogenstoets. Maar de wachttijd van vijf jaar zorgt voor stress en onzekerheid. - Eenvoudiger inkomens- en vermogensbegrip
Gemeenten verzamelen zelf gegevens, waardoor burgers minder belast worden met het aanleveren van gegevens. Tegelijkertijd neemt de kans op fouten toe doordat er minder contact is met de burger. - Brede intake
Door een brede intake helpt burgers beter doordat gemeenten niet alleen naar inkomen kijken maar ook naar zorg, wonen en gezin. Maar de afhankelijkheid tussen gemeenteprofessional en aanvrager belemmert het bespreken van persoonlijke gegevens.
De inzichten uit de praktijktoets worden door het ministerie meegenomen in de verdere uitwerking van de plannen. De huidige stand van zaken rond de herziening is te lezen in de Kamerbrief van 4 juli.
De uiteindelijke besluiten over de aanpassingen en de financiering van de Participatiewet worden genomen door een nieuw kabinet.